HomeCursussenOpleidingenZelfgroeiLezingenProjectenShopContactOver ons

AanvanG Opleiding verwijzend naar Subud

Verantwoordelijke: DIMschool Blogger

Beschrijving


'AanvanG' staat voor 'Aanbidding van God'. Maar, omdat er nog altijd veel mensen zijn die zich God voorstellen als een oude man met witte baard, gehuld in een in een spierwit kleed en die ons met een straffende vinger aanwijst, zou 'Aanbidding van het Goddelijke Deel in Onszelf' véél gewenster zijn. Anderzijds is de afkorting 'AanvanGDIO' zowel moeilijk uit te spreken als te onthouden. We houden het dus bij 'AanvanG'.

Eigenlijk zou in onze gewesten 'AanvanG' - als ingekorte vertaling - een goede benaming zijn om het Indonesische 'Subud' in de 21ste eeuw voor te stellen. Volgens de stichter ervan is het geen religie, noch een leerstelling. Dit, ondanks het feit dat het op een religieuze ervaring is gebaseerd - en er, onder andere sprake is van God, engelen en de Heilige Geest. Het is eerder de (h)erkenning van de 'Universele Goddelijke Kracht', die het hele universum vult en beheerst, die we - dankzij overgave - in onszelf bewust kunnen ervaren.

Nota: best is om 'Universele Goddelijke Kracht' te vervangen door de 'Drie Universele Krachten', die gezamelijk als een éénheid werken. Om die reden is er sprake van een Drie-1-heid, waarbij geen enkele van die 3 Krachten op zichzelf werkt.

Veel hangt af van de religie die iemand voor zichzelf heeft geaccepteerd als de zijne. Zo zijn er meer dan 4.200 verschillende godsdiensten, gemeenschappen, sekten, en zo meer. Iemand die het Hindoeïsme belijdt, bijvoorbeeld, heeft keuze uit meer dan 33 miljoen goden en halfgoden. Anderzijds aanbidden de meeste Indiërs hoofdzakelijk de drie-1-heid Brahma, Vishnoe en Shiva, aangevuld met Krishna, Ganesha, en zo meer.

Hetzelfde geldt voor het Katholicisme en aanverwante godsdiensten waarin sprake is van een God de Vader, een God de Zoon, en een God de Heilige Geest.

In wezen doe je er goed aan om hieronder in de meeste zinnen het woordje 'God' te vervangen door: het 'goddelijke deel in onszelf'.

In Subud spreekt men vooral de Heilige Geest aan. Maar nogmaals: geen enkele Kracht werkt op zichzelf! Bijvoorbeeld: indien de Heilige Geest de actieve Kracht is, is één van de twee anderen automatisch de Tegenwerkende Kracht, waarbij de derde de rol van de Verzoenende Kracht zal vervullen.

Subud is dus - volgens de stichter - geen geloofsbelijdenis, het kent dan ook geen dogma's, en zijn er (naast Pak Subuh) geen leiders of priesters mee gemoeid. Het énige wat er van de beoefenaar wordt verwacht, is dat hij zich openstelt voor het goddelijke deel in zichzelf, en 'alles later gebeuren'. Daarbij moet hij zich wel onthechten van datgene wat hij 'wil' noemt. Eigenlijk moet hij dus iets opgeven dat hij in wezen niet 'bezit', tenzij je 'wil' associeert met 'eigenwil' of 'moedwil'.

Anders gezegd: die mens moet leren inzien dat eigenwil of moedwil niets te maken hebben met de Innerlijke Wil. Het vergt tijd om zich aan deze laatste te onderwerpen, en om die reden is er sprake van een proces - en, zoals bij elk proces is er Tijd mee gemoeid. Afhankelijk van de ingesteldheid van de persoon, zijn ernst en de sterkte van zijn verlangen, kan dat proces 3 maanden duren, maar ook drie jaar, 30 jaar, of langer.

Subud

Historisch gezien begon Subud rond het jaar 1925, toen een Javaanse man, Mohammed Subuh Sumohadiwidjojojo (1901-1987) genaamd, voor het eerst op een meest ingrijpende, onverwachte manier contact kreeg met wat hij 'De kracht van het Licht van de Almachtige God' noemde. Nadien brak er in zijn zielenwezen een 3 jaar durende intensieve activiteit aan. Aan het einde van die periode werd hem, in antwoord op zijn gebed, verteld dat deze gave gedeeld zou kunnen worden. Anders gezegd: dat die niet alleen voor hemzelf was, maar dat hij het aan iedereen die erom vroeg moest doorgeven. Daarbij moest hij zélf niet naar mensen op zoek gaan, maar alleen wachten totdat ze naar hem toekwamen en ernaar vroegen. Aanvankelijk ontvingen enkel en alleen zijn eigen familieleden en directe buren het, maar langzamerhand kwamen mensen uit andere delen van Indonesië naar hem toe, verkregen het 'contact', en werden op hun beurt door Pak Subuh geautoriseerd om het aan anderen door te geven.

Het verhaal doet ons misschien een beetje denken aan de ervaringswereld van Mikao Usui, de herontdekker en grondlegger van Reiki. Terwijl hij aan het mediteren was, werd zijn hoofd gevuld met een groot spetterend licht. Daarbij ontving hij de energie om niet alleen zichzelf te helen, maar ook andere mensen, zonder zijn eigen energie aan te moeten spreken.

De naam Subud (of Soeboed in de oude spelling) werd voor het eerst gebruikt in 1947, en heeft zich sindsdien verspreid naar bijna elk land ter wereld. Pas in 1956 bereikte het voor het eerst het Westen. Er wordt geen echte moeite gedaan om het bekend te maken - tenzij door mensen die op winstbejag uit zijn - en het verspreidt zich vooral door persoonlijke kennismaking en levende voorbeelden. Toch zijn er inmiddels door verschillende personen een aantal boeken over dit onderwerp geschreven en hebben ze gediend om de belangstelling op te wekken van lezers die er iets van zichzelf in herkenden en waar ze, bewust of onbewust, naar op zoek waren. John G. Bennett, één van de vele leerlingen van Gurdjieff en Ouspensky, was één van hen.

Pak Subuh, ook weleens kortweg 'Pak' of 'Bapak' genaamd, was een Indonesiër, die vanaf 1957 tot vrij kort voor zijn dood in 1987, vele buitenlandse reizen maakte. In 1957 verliet hij Indonesië voor het eerst in zijn leven en kwam hij voor een paar maanden naar Engeland; dit, op uitnodiging van een kleine groep mensen die met John G. Bennett in contact waren via de leerstellingen van Gurdjieff die hij aan hen verkondigde. Die groep breidde vrij snel uit tot enkele honderden en zo geraakte Subud in Europa, Afrika, Australië en Amerika bekend en werd Pak Subuh er dan ook uitgenodigd.

Hijzelf gaf zichzelf nooit uit als een leraar of leider, maar eerder als een spirituele gids en raadgever. Volgens hem was onderwijs niet zo nodig, omdat de grote religies dit al meer dan voldoende deden. Subud nam dan ook niemands religie af, integendeel. Pak Subuh raadde iedereen zelfs aan om de eigen religie op een meer zuivere en bewustere manier te beoefenen. Christenen, bijvoorbeeld, zouden zich dan ook als goede christenen moeten gedragen, net zoals Christus het in zijn voorschriften eertijds opdroeg. Mensen moesten zich daarbij van hun onzuiverheden ontdoen, opdat ze daarna tot hun ware Zijn zouden kunnen uitgroeien. Anders gezegd: tot datgene waarmee ze vanaf hun geboorte innerlijk voorbestemd zijn.

De overdracht van het Subud-contact was niet afhankelijk van Pak Subuh's fysieke aanwezigheid, en hij machtigde vele mannen en vrouwen, in elk land waar Subud werd gevestigd, om op deze en andere manieren als zijn helpers en vertegenwoordigers op te treden. Deze 'helpers' bezaten niet noodzakelijkerwijs enige hoge vorm van spirituele ontwikkeling, hoewel sommigen, na veertig of vijftig jaar of meer in Subud, dit misschien inderdaad tot op zekere hoogte hadden bereikt. Helpers werden gekozen uit degenen die toen beschikbaar waren, voldoende ervaring bezaten, en die door Pak Subuh werden benoemd. Maar sinds zijn dood geschieden die benoemingen door een groep helpers die bekend staan als 'Internationale Helpers'. Een persoon, die niet door één van hen werd benoemd, heeft niet het recht om in deze hoedanigheid op te treden. Op deze wijze wordt Subud enigszins 'beschermd'.

Nog iets...

Het woordje 'Subud' is niet direct verbonden met de eigennaam Pak Subuh, maar een afkorting van drie Sanskriet woorden, zijnde: Susila, Budhi en Dharma. In Subud worden deze ongeveer als volgt vertaald: 'Susila' betekent: goede moraal hebben. (Pak Subuh omschreef het als 'juist leven naar de Wil van God'); 'Budhi' betekent: de innerlijke kracht of macht die in de natuur van de mens zelf huist; en 'Dharma' betekent: totale overgave en onderwerping aan de Kracht van God.

Eigenlijk houdt Subud in om jezelf over te geven aan het goddelijke deel van jouw innerlijke.

De 'latihan' is de basis van Subud. Het is een Indonesisch woord dat als 'praktijk', 'training' of 'oefening' kan worden vertaald. De latihan kan niet worden onderwezen of nagebootst - want, het ontstaat spontaan van binnenuit; dit, nadat het contact met de 'Kracht van God' is ontvangen door middel van transmissie door een persoon in wie het al gevestigd is - en, het is voor elk individu verschillend, afhankelijk van diens noodzakelijke behoeften. Het ontstaat dus niet dankzij een menselijk handelen of een menselijke wil, maar gewoonweg door de Wil en de Genade van God. Het heeft dus een soteriologisch beginsel. Tegelijkertijd is de menselijke wil op elk moment vrij om in te grijpen en de actie van de latihan te stoppen, die anderzijds alleen doorgaat zolang we ons er gewillig aan blijven onderwerpen.

In Encyclopedia Spiritualia staat daarover het volgende afgedrukt: "Subud is ook de afkorting van de woorden 'Susila Budhi Dharma', waarbij 'Susila' het vermogen van de mens om zijn leven af te stemmen op zijn diepste innerlijke wezen betekent; 'Budhi' geeft aan dat de levenskracht zowel binnen als buiten de mens werkzaam is; en 'Dharma' staat voor de mogelijkheid om zich volledig aan die levenskracht over te geven. Gezamenlijk symboliseren de drie woorden de mogelijkheid voor iedereen om in contact te treden met hun diepste wezen en leiding te ontvangen in het dagelijks leven."



https://www.youtube.com/watch?v=wCbAqiJRUy0

Degenen die bevoegd zijn om het contact door te geven - de 'helpers' - doen niets aan of voor de persoon die het ontvangt. Zij volgen gewoonweg hun eigen latihan samen met het nieuwe lid, die gekomen is om het in zichzelf te ontvangen. Uit eigen beweging begint dan hetzelfde proces in hem of haar, en blijft daarna in de persoon doorwerken zonder dat er wilskracht of wat dan ook nodig is: enkel en alleen de oorspronkelijke toestemming. Het is dus de innerlijke houding van oprechte onderwerping van de eigen wil aan de Wil van het Goddelijke (deel in onszelf) die van tel is.

Normaliter wordt de latihan twee keer per week in gezelschap van andere leden van het eigen geslacht beoefend, begeleid door een of meerdere helpers, die verantwoordelijk zijn voor de timing, zijnde: een half uur. Na een paar maanden ervaring zijn de leden meestal bereid om er nog een half uur latihan aan toe te voegen, maar ze worden sterk geadviseerd om dit totaal van drie latihans per week niet te overschrijden.

Latihan-ervaringen variëren enorm. Het is voor iedereen verschillend, en voor elke persoon op verschillende tijdstippen. In het begin neemt het meestal de vorm aan van fysieke beweging en geluiden. Dit is de normale uiterlijke manifestatie van de aanraking van de 'Kracht van God', vergelijkbaar met de manier waarop een muziekinstrument zal klinken en vibreren wanneer het door een mens bespeeld wordt. Naarmate de tijd verstrijkt, worden de ervaringen vaak subtieler en verfijnder.

Nog anders uitgelegd...

In ons lichaam zijn energieën opgesloten die vanuit de essentie naar buiten wensen te treden. Kinderen doen dat spontaan via hun lichaamsbewegingen, maar als volwassenen zich op eenzelfde manier gaan gedragen, worden ze gek verklaard. Dankzij het feit dat we die lagere energieën aanspreken en ze uit ons lichaam werpen, zijn we in staat om de daardoor ontstane leegten met heilzamere energieën op te vullen. Deze energieën zijn zowel afkomstig vanuit onszelf als van erbuiten. Het énige wat wij moeten doen is: (1) ons er in volle vertrouwen aan overgeven - en (2) onszelf daarbij blijven aanschouwen door de rol van bewuste toeschouwer aan te nemen.

De latihan is dus een onvervalste 'Aanbidding van God' - dankzij de overgave aan de Wil van het zogenaamde 'goddelijke deel in onszelf' - en zijn werking is er een van zuivering en innerlijke groei.

We hebben allemaal veel onzuiverheden, zowel die welke we geërfd hebben als die welke we door onze eigen misstappen hebben verworven. In onszelf is er dus veel dat dient rechtgezet te worden, en dit corrigeren gebeurt op een manier die we onmogelijk in ons eentje zouden kunnen realiseren. Geen onderwijs, geen opgelegde discipline en geen imitatie, maar alleen de 'Kracht van het Goddelijke' kan doordringen tot dát niveau in ons waarop dit werk moet worden uitgevoerd. Alleen het Goddelijke kan weten wat voor ieder van ons noodzakelijk is. Daarom is er geen onderwijs in Subud van mens tot mens: God alleen is de leraar. Beter gezegd: het goddelijke deel in de mens dat in verbinding staat met de onzichtbare, hogere werelden in en om ons heen.

Dit zuiveringsproces is een geleidelijk proces, en verloopt volgens (1) de behoeften van elk individu, (2) zijn/haar vermogen om het te ontvangen en (3) zijn/haar bereidheid om het gewillig te accepteren. De kracht die in de latihan werkt is oneindig sterk, maar het dwingt niemand tegen zijn eigen (moed)wil. Voor zover wij onze eigen (eigen)wil aanvaarden en onderwerpen aan de wil van God, gaat het proces verder. Het begint op het fysieke niveau en resulteert vaak in een verbetering van de fysieke gezondheid, maar de werking ervan is nooit te voorspellen. Het énige wat erover gezegd kan worden, is dat iedereen ontvangt wat echt goed en noodzakelijk is voor hemzelf, zolang men zich maar écht overgeeft en men zich met geduld en oprechtheid aan de eigen, innerlijke wil onderwerpt. Het tempo van de zuivering varieert voor elk individu en kan niet gehaast of bijgestaan worden door enige inspanning van onze kant. Het enige wat we kunnen doen, is accepteren wat we ontvangen, en ons te onthouden van verkeerd gedrag dat het werk - dat in ons wordt verricht - teniet zou kunnen doen.

Subud staat open voor elk oprecht individu boven de leeftijd van zeventien jaar, zonder rekening te houden met ras, kleur, geloofsovertuiging, religie, enzovoorts. Degenen die willen toetreden, worden over het algemeen gevraagd om een periode van drie maanden te wachten nadat ze zich voor het eerst aanmelden - en, als ze er op het einde van die tijd nog steeds voor open staan, kunnen ze er meestal aan beginnen.

Maar, zelfs indien iemand zich als het ware 'geroepen' voelt, en zichzelf dan ook uitverkiest, doet die persoon er goed aan om - vooraleer aan de praktijk te beginnen - onderwijl de theorie aan te leren. Want, geen mens mag aan zichzelf beginnen sleutelen vooraleer hij/zij die theorie niet voor 100% begrijpt om die dan daarna op zichzelf toe te passen. Zelfs honderd jaar geleden verwittigde Gurdjieff ons reeds, dat het omgaan met de eigen, menselijke machine véél ingewikkelder is dan het leren besturen van een auto, trein, boot of vliegtuig.

Hieronder een klein voorbeeld uit de 'Goede Oude Tijd' van wat 'Subud's Inner Guidance' niet is, of tóch zou kunnen zijn, gewoonweg omdat we niet kunnen weten wat er zich indertijd in de hoofden en lichamen van die mensen aan het afspelen was! Indien hun aandacht naar hun handelingen uitging en ze er hun verbeeldingswereld bij betrokken, waren ze verkeerd bezig, en wiegden ze zichzelf in een nog véél diepere tranceachtige, hypnotische slaap.



Ons advies: begin er niet aan indien de nodige kennis en degelijke begeleiding in eerste instanties ontbreken.

Wil je er meer over weten?... Schrijf je dan in voor een Kennismaking Sessie via Skype!

Duurtijd: een 2-tal uurtjes
Bijdrage: 50 euro
Wanneer?: samen overeen te komen. In principe kan het op eender welke dag - behalve dinsdag - tussen 15u en 21u (ook op weekends, eventueel).

Meer info? Stuur ons een e-mailtje via [email protected]

Tarief: € 50
Nota:


Meer informatie?

of bel ons op 03 430 93 87.

Ik zou mij willen inschrijven voor deze opleiding



Zoeken
 

<september 2020>
mdwdvzz
31123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
2829301234
567891011

Copyright © 2003-2020 School voor ontwikkeling van De Innerlijke Mens